uitgegumd

in dat huis waar oude mensen wonen
wiens heden langzaamaan
wordt uitgewist

schuifelen geleefde levens en verhalen 
mee met de vergetelheid 
de afgrond in

de makelaar, de rechter, de timmerman
hebben hun betekenissen afgelegd
geen functie meer

hun verhalen zijn tot lemmings verworden
afstevenend op het allesverslindende
zwarte gat van het al

wat overblijft zijn de lege bladzijden met
indrukken slechts van het geschrevene
van wat was, niet is

zou het niet beter zijn voor jou en mij, de wereld
om ons nu al te ontdoen van wie we zijn
verhaalloos verder

we zouden niets meer te bewijzen hebben
elkaar ontmoeten in de leegte waar we
ooit begonnen zijn