deuk

er zitten deuken in mijn ziel
kleintjes maar ook hele grote
soms glijd ik onverwachts daarin
dat voelt behoorlijk klote

zo’n deuk is rond met gladde wanden
van onderop tot bovenin
uit zo’n dal naar boven kruipen
heeft -begrijpelijk- geen zin

beneden blijven lijkt geen optie
het voelt daar leeg, alleen en rot
dus vecht ik tegen mijn gevoelens
totdat dat zinloos vechten stopt

dan gaan vanzelf de tranen stromen
waarmee die deuk zich langzaam vult
dan drijf ik lijdzaam mee naar boven
waar de bevrijding zich onthult

bijtend

verdriet is als een weerwolf
eenmaal door hem gebeten
ben je voorgoed door hem besmet

dan groeien soms ontembaar tranen uit je ogen 
omdat de vollemaan van jouw verleden
ergens opeens werd aangezet

een zinsnee in dat boek ontspannen in het zonnetje
die vrouw die zomaar langsloopt onder je balkon
dat schilderij, een lachend kind, die loftrompet

de gebeten hond in jou zal nooit verdwijnen
voor je’ t weet heeft hij zonder pardon
zijn tanden weer eens in je hals gezet

knap

vandaag loop ik de hele dag al
met mijn verdriet te sjouwen
het is als een ballon 
die vol met water zit
het gaat steeds alle kanten op
zonder grip te kunnen krijgen
echt stevig vastgrijpen
durf ik het niet
uit angst 
dat het zal knappen
waar laat je zo’n ballon
als je je eenzaam voelt
er niemand bij je is 
die zegt
kom maar even
ik help je wel met dragen